Welkom. Dat lijkt een simpel woord, totdat je er langer over nadenkt, want waarom geeft het meteen een fijn gevoel? Iemand die ‘welkom’ zegt, zegt eigenlijk: ik vind het fijn dat jij gekomen bent en dat is dus iets heel anders dan ‘hallo’. Welkom is een deur die met een grote glimlach openzwaait. Daarom past het zo goed bij onze school. Het verwoordt de manier waarop wij er voor onze leerlingen willen zijn. Open, hartelijk en uitnodigend. Welkom is een warm begin, maar het is maar de helft van ons verhaal. Hieronder lees je hoe dat zit, maar kom ons ook bezoeken, dat vinden we leuk.
Overgangsnormen
Op College St. Paul werken we met een voortschrijdend gemiddelde als rapportcijfer. Voor de bepaling van het (eind)rapportcijfer tellen alle tot dan toe behaalde cijfers mee.
Voor de onderbouw
Een leerling gaat over als hij/zij:
In alle andere gevallen is de leerling een bespreekgeval.
Hoofdvakken zijn:
Berekening tekortpunten:
Bij niet bevorderen beslist de rapportvergadering over doubleren of afstromen.
Tijdens de rapportvergaderingen van periode 1, 2 en 3 wordt er gekeken naar cijfers en mogelijk op- en afstroom. Leerlingen die voldoen aan de criteria en waarvan de vergadering denkt dat hij/zij kan opstromen, krijgt de kans om in zijn/haar klas aan het hogere niveau te werken en maakt ook de toetsen op het hogere niveau. In Magister wordt kenbaar gemaakt welke toetsen op het hogere niveau zijn gemaakt.
Tijdens de rapportvergadering van periode 3 worden van elke leerling de cijfers en het preadvies besproken. Het rapport met preadvies wordt tijdens de mentoravond besproken met leerling en ouder(s). Op elk rapport staat het gemiddelde eindcijfer van de tot dan toe behaalde cijfers.
Opstromen in de onderbouw
Een leerling stroomt op:
Opstromen van 2KBL naar 3TL is niet mogelijk i.v.m. het vakkenpakket.
Bij het op- en afstromen spelen werkhouding, inzet, de uitslagen van de CITO en de scores van de RTTI-toetsen een belangrijke rol.
Doubleren in de onderbouw
Doubleren is alleen aan de orde wanneer de leerlingbespreking en de rapportvergadering adviseert dat dit de ontwikkeling van de leerling ten goede komt.
In leerjaar 1 en 2 worden de uitslagen van de toetsen van de CITO meegewogen in de beslissing om te doubleren. In leerjaar 1 en 2 mag een leerling maximaal éénmaal doubleren. Indien een leerling wederom dreigt te doubleren dan stroomt de leerling af naar een lager niveau of een passende onderwijsplek buiten onze school. In bijzondere gevallen kan de schoolleiding beargumenteerd afwijken van de gestelde normen.
Voor klas 3
Een leerling is over als de cijferlijst uit klas 3 voldoet aan de slagingsnormen van het examen.
Als de leerling niet voldoet aan de slagingsnormen, beslist de lerarenvergadering.
Alle examenkandidaten moeten gemiddeld een 5,5 of hoger halen als gemiddelde voor het Centrale Eindexamen.
Voor het vak Nederlands moet een kandidaat minimaal een 5 op de cijferlijst staan om te kunnen slagen.
Het combinatiecijfer voor kader en basis is het gemiddelde van de 4 keuzevakken en maakt deel uit van de slaag-zakregeling. Daarnaast mag een cijfer voor een keuzevak nooit lager zijn dan 4.
De oude regels blijven ook gelden.
School Examenweek (SE)
Roosters, exameninformatie en dergelijke kun je hier downloaden.
In het Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA) is precies te zien wat er tijdens het schoolexamen (SE) getoetst wordt, hoe het getoetst wordt en hoe zwaar het telt.
De code die bij de toets vermeld staat, correspondeert met de code van de bijbehorende cijferkolom in Magister.
Via Magister hebben leerlingen en ouders altijd inzicht in de cijfers.